1994 Frankrijk: Belvès – Villaréal

 
Zondag 31 juli

Het loopt tegen half zeven als het plotseling begint te onweren. We hebben er totaal geen voorbode van gezien of gehoord. Het regent niet echt, hoewel het op het tentdoek klinkt alsof het erg hard gaat. Ik ga toch maar even naar het toilet en dan blijkt het onweer voornamelijk te zijn langs getrokken. Desalniettemin is het een aardige ervaring in een tentje.

Het is direct aardig afgekoeld en de donkere wolken aan het firmament voorspellen weinig goeds. We doen dus maar rustig aan met wassen en ontbijten. De groepsgenoten doen het eveneens rustig aan. Niemand heeft zin om een nat pak te halen onderweg. Om 08.30 uur moeten we de tenten nog naar beneden halen en nat inpakken. Toch zijn we vandaag als eersten weg, om 09.00 stappen we op de fietsen en verlaten de camping. Die is nog in diepe rust, allemaal uitslapers.

Vanaf de camping linksaf slaan (de weg is vrij druk) en na drie kilometer rechtsaf slaan via de C3 naar Larzac. Lekker rustig beginnetje, redelijk vlak en niet al te warm. Totdat we rechtsaf slaan naar Larzac. Opeens is daar, uiteraard na een scherpe bocht, de niet te ontlopen steile klim. Gemma haalt de binnenbocht niet, Lucia schakelt verkeerd en stapt eveneens af en dus mag ik ook even de benen strekken. Gelukkig wordt het daarna minder steil, doch een lange gaandeweg omhooglopende weg wacht ons. Deze weg blijven volgen tot de D53. Hier linksaf rijden naar Monpazier. Een wat bredere weg die zo af en toe wat klimmend en dalend is, doch over het algemeen vrij vlak. De klimmetjes die erin zitten zijn lastig, doch we hoeven niet meer te lopen. Monpazier is heel aantrekkelijk voor een stop.

Wij stoppen dus op het marktplein en begeven ons naar een terrasje in een van de hoeken. De zon is ondertussen weer gaan schijnen en de temperatuur is bijzonder aangenaam. Na een lekker stukje fietsen is het goed rusten, zeker in het zonnetje. We nemen tweemaal koffie en cola en lopen het dorp in de rondte. Ik kom er achter dat het elastiek in m’n fietsbroek is geknapt, dus Lucia gaat op zoek naar nieuw. In haar beste ‘handgebarentaal’ en twee woorden Frans komt zij terug met 90 centimeter elastiek. Het past perfect om mijn middel….. Ondertussen zijn de meeste anderen ook op het plein gearriveerd en na zo’n uurtje zitten gaan wij ons weer reisvaardig maken. Een volgend stuk van de tocht wacht ons.

Na Monpazier de borden Chateau Biron volgen via de D53. Monpazier uit, steile daling, snel te nemen. Perfecte start van het tweede gedeelte van de etappe. Maar onvermijdelijk komt ook weer de weg omhoog, ditmaal in de vorm van een lange, steile klim. Gemma en Lucia moeten afstappen en ik verklaar me solidair. Bas is al boven, voordat wij überhaupt aan de beklimming zijn begonnen. Daarna is de weg redelijk vlak, ietwat vals plat (schuin omhoog). Totdat we vlakbij het Chateau zijn, dan moeten we weer stevig op de pedalen.
In Biron richting Vergt-de-Biron aanhouden, dat is rechtsaf (de wegwijzer staat achter een muurtje). Bij de kruising rechtdoor rijden richting St. Martin de Villereal. Vlak na de kruising bij de V-sprong rechts aanhouden. Op de volgende V-sprong linksaf slaan naar Villereal. Het laatste stuk over de D104 rijden. Kijk, dit is nu wat fietsen zo leuk maakt, nauwelijks een stuk waar je hoeft te trappen en eindeloze kilometers langzaam omlaag. Hier en daar even een beetje omhoog, maar dat mag geen naam hebben. Vlak voor Villareal ontvangen we een paar druppels van een lokale bui, en dan zijn we er.

In Villereal ligt de camping aan een meertje en is bereikbaar vanaf de D207, richting Hypodrome / Bergerac aanhouden. Wij zijn eerder dan Marlène bij de camping en deze blijkt te zijn gesloten. We wachten even, doch besluiten naar het dorp terug te rijden en daar te wachten. We eten het overgebleven brood en drinken de cola en orangina op het marktplein. We hebben een goed uitzicht over de weg die naar de camping leidt, dus op enig moment zien we de Sindbad auto. We fietsen erachter aan, doch komen van een koude kermis thuis wanneer Marlène meldt dat de camping pas om 16.00 uur open gaat. Het is nu ongeveer 13.30 uur. Dus terug naar het dorp. Ondertussen zijn Robert en Ellen daar ook gearriveerd en enkele minuten later komen ook Jasja en Babette aan. Wachten duurt lang en vooral wanneer het warm is. De temperatuur is ongemerkt opgelopen tot circa 35ºC. We zijn moe, hebben bijna 40 kilometer geklommen en gedaald en willen een lekkere douche of het zwembad…
Eindelijk zijn we het wachten in het dorp zat, we verkassen naar de camping. Daar aangekomen blijkt-ie zojuist open te gaan, ruim een half uur eerder dan verwacht. Even later staan we op het grasveld, waar we twee stukjes, gescheiden door een haag, toegewezen hebben gekregen. Onze tenten staan zoals gewoonlijk in oogwenk. De anderen komen successievelijk binnen gereden en om een uur of vijf staan alle tenten. Gemma gaat met enkele anderen naar het meertje dat aan de camping grenst, doch de meesten verkiezen een koele en verfrissende douche.

Er bevindt zich geen kampwinkel op de camping, geen van allen hebben we zin om te koken. Resteert dus een algemeen etentje in het dorp. Althans, dat denken we. Om 18.00 uur begint het te waaien en donkere wolken pakken zich samen. Het begint te regenen en even later te onweren. Iedereen de tenten in en schuilen. Hebben we vanmorgen een onweder gehoord, dat is niets vergeleken met dit noodweer. De storm giert langs onze tenten en de regen plettert op het tentdoek. Een proeve van bekwaamheid in het opzetten van een tent, zo lijkt het wel. Ongelooflijk, de tent van Jasja en Babette staat met de ‘kop in de wind’, niet al te stevig vastgezet. Door een kiertje kijken we toe of-ie het houdt. Na een uurtje te hebben huisgehouden gaat het langzaam over en kunnen we de schade opnemen. Nu, schade is er niet, slechts wat natte tenten.

Babette en Jasja gaan samen weg, Monique en Marco gaan tezamen met Roeland en Saskia, terwijl de dertien overgeblevenen de pizzeria opzoeken. Een tafel voor dertien is in een oogwenk aaneen geschoven en gedekt en half uurtje later staan de eerste gerechten op tafel. Een flesje wijn erbij en we eten voortreffelijk. Het afrekenen vormt ook al geen probleem en tegen dat het donker wordt keren we terug op de camping.
Om 22.00 uur is het donker en gaan we slapen, morgen wacht ons een nieuwe tocht door het Franse land.

Opmerkingen:

Afstand: circa 40 kilometer
Route eerst door bosrijk gebied, later langs akkers, tamelijk vlakke route
Anderhalve kilometer ten noorden van Monpazier (Marsales) is gelegenheid voor zwemmen, waterfietsen, zonnebaden, etc.

Bezienswaardigheden:

Monpazier is een vrijwel intact gebleven vestingstadje, in 1285 gesticht. Het heeft een mooi plein met arcaden galerijen.
Chateau Biron is een imposant kasteel, de oudste delen dateren uit de elfde en twaalfde eeuw. Gesloten van 12.00 tot 14.00 uur. Om 14.30 uur rondleiding (FFRS 22,-; bij min. 10 personen FFRS 10,-).
Villereal is ook een vestingstad, gebouwd door de Fransen en is in de honderdjarige oorlog bezet geweest door de Engelsen.

Camping:

Camping Intercommunal du Pesquie. Geen restaurant of kampwinkel, maar Villereal is slechts drie minuten fietsen; In Villereal is een grote supermarkt en zijn een aantal restaurantjes.

 

Startknop-groen[1]

Terug naar Start vakantie